MENS EN DIER EN SMOESJES

87_foto

Het boeiendste aan mensen is vaak hoe ze zichzelf voor de gek houden en zichzelf of anderen dwars zitten met hun ‘ego’, hun behoefte mee te tellen, serieus genomen te worden, voor vol te worden aangezien, of beter of bijzonderder te zijn dan anderen.

Bij dieren is dat anders, die hebben in het algemeen geen last van bovenmaatse ego’s. Dat maakt de omgang met dieren ontspannen, onbevangen. Je hoeft niet bang te zijn dat ze zich beter voordoen dan ze zijn, en je hoeft dat zelf ook niet te doen, want ze oordelen niet over je. Ze nemen de dingen meer zoals ze zijn, zonder een waarde-oordeel te geven. Eigenlijk zouden wij meer zo willen zijn...

Los daarvan vind ik dat mensen niet superieur zijn aan andere dieren, en dat we minder hoogmoedig moeten omgaan met onze mede-aardbewoners en met de natuur waar we met z'n allen deel van uitmaken. Daarom eet ik bijvoorbeeld geen vlees (nou ja, zelden; daar gaat de volgende column over) en zeker geen vlees dat afkomstig is uit de bio-industrie – de ultieme manifestatie van de mens zoals ik die niet graag zie: een mens die de wereld naar zijn hand zet en op instrumentele en gevoelloze manier met levende wezens omgaat. Dat is een houding die ons al flink in de problemen heeft gebracht, juist omdat we zelf onderdeel zijn van de natuur en het dierenrijk.

Smoesjes   

Psychologie Magazine, 2006

Ik eet geen vlees. Nou ja, een enkele keer, een biologisch stukje beest, ook al ben ik het daar zelf niet helemaal mee eens. Ik ben dus niet consequent en probeer dat ook niet te zijn. Beter inconsequent iets goeds doen dan consequent alles fout.

Nu maakt dat voor de vleesetende critici weinig uit. Ben je superconsequent, dan zeggen ze (zoals laatst een kippenhouder op televisie in discussie met Marianne Thieme): 'Aha, nu komt de aap uit de mouw! Je bent vegetariër! En je wilt dat we allemáál vegetariër worden!' - op een toon alsof je grootaandeelhouder bent in de vleesvervangende sector, en dus het vegetarisme propageert uit eigenbelang. Maar nog liever betrapt men de vegetariër op een inconsequentie. Bijvoorbeeld: 'Jij slaat ook weleens een mug dood!'

Is het nu zo dat degene die dit zegt zich het lot van de muggen aantrekt? Welnee, de gedachte is: als je muggen doodslaat, moet je ook niet zeuren over varkens in de bio-industrie. Gewoon lekker opeten. Allemaal niet zo fijn voor die dieren, maar we zijn in elk geval consequent!

Deze redenering kom je veel vaker tegen. Zo zijn er mensen die zeggen: 'Al dat gepraat over dierenrechten, vrouwenrechten, homorechten is flauwekul zolang er aan de andere kant van de wereld mensen dood gaan van de honger. Laten "ze" daar eerst maar eens wat aan doen.' Of juist: 'We hebben in ons eigen land zoveel problemen, die moeten eerst worden opgelost voordat we de Derde Wereld gaan helpen.'

Het grappige is: hoewel dit tegenstrijdige beweringen lijken, zijn het precies dezelfde mensen die met beide uitspraken instemmen. Dat bleek uit een onderzoek waarin ik verschillende van dit soort uitspraken had 'verstopt' tussen andere stellingen. De gedachte is kennelijk: er is altijd een erger probleem dat eerst opgelost moet worden. Totdat alles is opgelost, hoef je dus nergens wat aan te doen.

Dat noemen we in de psychologie zelfrechtvaardiging of cognitieve dissonantie-reductie, maar ik noem het een rotsmoesje. Net als wanneer mensen zeggen: 'Als ik geen vlees eet, is dat een druppel op een gloeiende plaat.' Dat ís ook zo, als je ziet hoeveel dieren er jaarlijk 'doorgedraaid' worden. Maar daar gaat het helemaal niet om. Het gaat om de vraag: hoe wil je zelf leven, wat voor mens wil je zijn? Wil je meedoen aan een verziekte bedrijfstak waarin levende dieren massa-artikelen zijn? Wil je open en onbevangen nadenken over wat je doet, en of dat past bij de waarden die je belangrijk vindt? Wil je compassie tonen met dat wat op je weg komt? -- je hoeft niet meteen de hele wereld te helpen. Hoe die afweging uitpakt, dat beslist ieder voor zichzelf. Waar het om gaat, is dat je staat voor wat je doet. Dan heb je nooit rotsmoesjes nodig.